In het Europees Parlement stemden we over een verhoging van het EU-budget met 10% voor de periode 2028-2034.
Daarmee wil het parlement Europa in staat stellen om zowel klassieke beleidsdomeinen zoals landbouw en sociale programma’s te blijven ondersteunen, als te investeren in nieuwe uitdagingen zoals competitiviteit, veiligheid en defensie. De vraag is niet óf we investeren, maar hoe: elk land apart of samen als Europa. Samen investeren is efficiënter en uiteindelijk goedkoper.
Laat ons eerlijk zijn: meer doen met minder geld is onmogelijk. Als Europa zijn ambities ernstig neemt, moet daar ook een realistisch budget tegenover staan. Nieuwe eigen middelen, zoals een digitaks, zijn noodzakelijk om de nationale begrotingen te ontzien.
Volgens het Parlement moet het toekomstige EU-budget worden vastgesteld op 1,27% van het bruto nationaal inkomen (BNI) van de EU. Dat is een stijging van ongeveer 10% ten opzichte van het voorstel van de Europese Commissie uit 2025. De terugbetaling van de schulden uit het herstelinstrument NextGenerationEU zou buiten deze plafonds moeten vallen.
Investeren in nieuwe én bestaande prioriteiten
De bijkomende middelen zijn nodig om Europa weerbaarder te maken in een snel veranderende wereld. Investeringen in defensie, energie, klimaat, innovatie en digitale transitie gaan hand in hand met blijvende steun voor landbouw en sociale programma’s.
De voorstellen kwamen er in een geopolitieke context die vraagt om meer Europese slagkracht én investeringen. Dit gaat over het beschermen van onze welvaart, veiligheid, jobs en inkomens. Voor mij is het essentieel dat landbouw en sociale programma’s niet het kind van de rekening worden.
De wereld wacht niet op Europa. We moeten investeren in veiligheid, concurrentiekracht en energiezekerheid. De vraag is niet óf we investeren, maar hoe: elk land apart of samen als Europa. Samen investeren is efficiënter en uiteindelijk goedkoper.
Nieuwe eigen middelen om belastingbetaler te ontzien
Lidstaten gaven recent aan terughoudend te zijn tegenover een groter EU-budget, vooral omdat dit extra bijdragen uit nationale begrotingen zou vergen. Voor mij ligt de oplossing in nieuwe Europese inkomstenbronnen.
Willen we de belastingbetaler ontzien, dan moeten we werk maken van nieuwe eigen middelen. Die zijn nodig om de schulden van het coronaherstelfonds terug te betalen en om de EU-begroting structureel te versterken.
Daarom pleit ik onder meer voor een eerlijke bijdrage van grote digitale multinationals via een digitaks, maar ook voor een heffing op online kansspelen. Vandaag maken sommige grote spelers miljarden winst in Europa zonder evenredig bij te dragen. Dat is niet houdbaar. Als lidstaten niet meer willen bijdragen, moeten ze mee verantwoordelijkheid nemen door deze nieuwe middelen mogelijk te maken.
Volgende stappen
Na de stemming in het Europees Parlement starten de onderhandelingen met de Raad van de EU. De uiteindelijke goedkeuring van het meerjarig financieel kader vereist de instemming van het Parlement. De inzet van de Europarlementsleden zal bepalend zijn voor het eindresultaat.