Terugblik: dienstplicht in Leopoldsburg (HLN)

zaterdag 16 april
Met 1 miljoen zijn ze, de mannen die sinds 1846 hun legerdienst in Leopoldsburg hebben volbracht. Want er was - jawel, jongere lezers - een tijd dat alle gezonde kerels één jaar van hun leven aan de verdediging van België moesten wijden. Een gouden tijd, zeggen sommigen. Een hel, vinden anderen. Volgende week herdenken ze in Leopoldsburg dat soldatenverleden feestelijk. Daarom, nu al: straffe en heerlijk nostalgische verhalen over hoe het leven was toen de dienstplicht nog bestond.

leopoldsburg

Theo Wolfs (67) uit Zonhoven

Lichting 1968

47ste Bataljon Ordonnance

"26 km te voet om dochtertje te zien"

"Net 18 jaar was ik in juli 1968, toen ik in het leger moest. Ik was al getrouwd én mijn vrouw was hoogzwanger. Eén dag verlof kreeg ik toen ze moest bevallen, en daar heb ik voor moeten smeken. De rest van mijn legerdienst heb ik mijn dochtertje Martine hoop en al tien keer gezien. Dat ik zo jong al getrouwd was en vader, beschouwde onze eerste sergeant-majoor als een doodzonde. Gevolg: hij maakte mij het leven zuur. Blonken mijn schoenen zoals het moest op het appèl, dan liet hij mij tien meter door de modder stappen om mij daarna te kunnen straffen wegens vuile schoenen. Het was een stuk crapuul. Het was écht een zwaar jaar. Mijn vrouw moest overleven met mijn 600 frank soldij. En als ik al eens naar huis mocht, nam ik overschotjes mee uit de kantine. Om geld uit te sparen, kocht ik zelfs geen buskaartje om uit verlof terug te keren: ik ging te voet van Hasselt naar Leopoldsburg (26 km, red.), ook al moest ik daarvoor om 3 uur opstaan om op tijd op het appèl te zijn."

Ismael Devos (48) uit Zingem

Lichting 1987

Bataljon Bevrijding

"Hamburgers van Mie Tet"

"Eén figuur uit Leopoldsburg zal mij altijd bijblijven: Mie Tet. Dat was een behoorlijk rondborstige blonde dame die ons altijd volgde op manoeuvres. Ze had een kraam met hamburgers, hotdogs en koffiekoeken en voorkwam dat menig soldaat honger leed. Het was ons natuurlijk verboden om tijdens de oefeningen eten bij haar te kopen, want we moesten leren overleven op ons oorlogsrantsoen. 'Chocobetonpap', noemden we dat: chocolade, een zakje gesmolten suiker en 'betonkoekjes' in een gamel laten smelten, eens goed mengen en opeten. Heel zoet, maar wát een energiebom! Al moet ik toegeven dat een goeie hamburger van Mie Tet ook kon smaken op zo'n moment."

Eric Ilegems (44) uit Puurs

Lichting 1990

Bataljon Bevrijding

"Oorlog in Irak: niemand mocht nog buiten"

"Soms was het écht grote ernst. Ik was postcommandant - de onderofficier van wacht - in de nacht van 15 op 16 januari 1991. We zaten in het wachtlokaal en luisterden naar de radio: het ultimatum van de Amerikanen tegen de Iraakse dictator Saddam Hoessein liep af, en als hij zijn troepen niet had teruggetrokken uit Koeweit, zouden ze aanvallen. De Eerste Golfoorlog begon. Om 2 uur 's morgens rinkelde de telefoon: de brigadecommandant. Het was een kort gesprek, afgemeten bevelen, enkele ja's en een oké. We waren meteen in een verhoogde staat van paraatheid: alle verloven werden ingetrokken. Het slapende leger ontwaakte plots: materiaal, voertuigen, wapens, munitie... Alles werd volledig operationeel gemaakt. Ons paradeplein stond vol pantservoertuigen, jeeps en vrachtwagens die metéén konden uitrukken. Wij moesten voortaan wachten lopen met geweren die klaar waren om te vuren, in plaats van met de kogelladers in onze broekzak. Er was nooit sprake van dat wij naar de oorlog moesten vertrekken, maar sommige jongens belden - vanuit een telefooncel in de kazerne, want we hadden nog geen gsm's en niemand mocht buiten - naar hun moeder of lief om te zeggen dat ze misschien naar Koeweit moesten vertrekken. Gevolg: die stonden natuurlijk doodongerust aan de poort. Zelf belde ik kort met m'n vader: hij was Congo-veteraan en paracommando, en kon de situatie het best inschatten. Die gespannen toestand, waarbij de kazernepoort dichtbleef en niemand buiten mocht, heeft uiteindelijk drie weken geduurd. We moesten ook de kerncentrale van Doel bewaken. Het was een beetje vergelijkbaar met de inzet van militairen nu, tijdens de verhoogde terreurdreiging. Met dat verschil: in 1991 waren er nog héél veel manschappen inzetbaar."

Roland Demuth (59) uit Kalmthout

Lichting 1977

1ste Carabiniers Prins Boudewijn

"Onder tank duiken: dan doe je in je broek"

"Onze chef zette ons op een dag op een rij en zei: 'Wat ik doe, moeten jullie ook doen.' Hij stond daar en liet de tank op zich afkomen. Op het allerlaatste moment - de loop kwam al boven zijn kop - liet hij zich zakken, greep de ijzeren stang aan de voorkant en liet zich omverduwen op zijn rug. Toen liet hij los en daar lag hij tussen de ratelende rupsbanden. Ik kan u verzekeren: dan doe je bijna in je broek."

"Pas op, niet alles was stoerdoenerij. Op een dag had er iemand een grote boodschap gedaan in een urinoir. De adjudant in alle staten, natuurlijk. Omdat niemand durfde toe te geven, kregen we allemaal wc-wacht. Dit heeft drie weken geduurd. Van 17 tot 5 uur moest er ieder uur iemand anders op wacht staan aan de toiletten. In pyjama, bottines aan, met onze helm op en een bajonet. Van iedereen moesten we het uur noteren, en of het een grote of kleine boodschap was. Plezant is anders. Tot op een dag - máánden later - een soldaat met twee blauwe ogen rondliep: de dader had zich versproken en had een stevig pak rammel gekregen."

Eddy De Smet (58) uit Puurs

Lichting 1976

1ste Carabiniers Prins Boudewijn

"Officier dronk ons onder tafel"

"Leopoldsburg, dat was behalve de kazerne ook een stad met een zwaar uitgaansleven, natuurlijk. Het stond daar werkelijk vól cafés - en dan kom je daar als broekventje van 18 jaar toe en ligt de wereld aan je voeten. Je denkt toch niet dat wij ons daar braaf aan het uitgaansverbod hielden? Ontsnappen uit de kazerne noemden we toen 'de muur doen', maar geloof mij: van een muur was geen sprake. Het was een haag van een centimeter of 20 hoog, met een draad erover gespannen. Moeilijk was het dus niet. En dan nog: de oversten deden daar zelf aan mee. Ik herinner me een officier die ons zelf uitnodigde naar Café De Pattapoef. Wij daar dus naartoe. Heeft die man ons daar onder tafel gedronken! Het was zeker twee, drie uur 's nachts voor we in ons bed kropen. De volgende ochtend, met een zware kop, stonden we op het appèl en wie had er dienst? Dezelfde officier! Hebben wij ons dat beklaagd... Want van een kater was bij hem geen spoor: we moesten direct beginnen met een lange mars, in looppas en de laatste kilometer wou hij ons nog laten sprinten ook. We zijn met hem nóóit meer pinten gaan drinken."

Charles Mertens (95) uit Maissin

Lichting 1939

9de Linieregiment

"Duitsers vielen binnen op mijn verjaardag"

"Op m'n eerste dag in september 1939 had ik wachtdienst. Alle officieren en onderofficieren van de lichtingen van 1937 en 1938 moesten terugkeren en velen kwamen die dag aan in Leopoldsburg. Het waren er zó veel dat op het einde van de dag mijn arm pijn deed van het salueren - dat was nog heel plechtig, met een stijve arm en een formeel 'presenteer geweer' erbij. De oefeningen werden ook veel serieuzer, de officieren beulden ons af. We moesten in korte tijd in topvorm geraken, want iedereen wist: het duurt niet lang voor de Duitsers binnenvallen. Dat gebeurde toch wel op 10 mei 1940, op mijn 20ste verjaardag, zeker! We waren die dag schietoefeningen aan het doen, en plots werd het écht oorlog. Mijn eenheid is toen in allerijl naar het Albertkanaal in Meerhout vertrokken. Maar de Duitsers tegenhouden, nee, dat is ons niet gelukt."

Stefan Jennes (44) uit Westmeerbeek

Lichting 1993

1ste Pantserinfanteriebrigade

"Bij laatste vijf ooit"

"Het hing al een tijdje in de lucht begin jaren 90: de verplichte legerdienst zou afgeschaft worden. Ik ging er niet meer vanuit dat ik nog 'binnen' moest, want ik had vast werk. En plots plofte de oproepingsbrief nog in de brievenbus - héél wrang, hoor. Het was mijn eigen schuld. Ik was domweg vergeten om uitstel aan te vragen."

"Toen ik in augustus 1993 in Leopoldsburg aankwam, waren er nog een 200-tal miliciens. Toen ik afzwaaide, waren we nog met vijf. Er was geen corvee meer, geen oefeningen, geen nachtmarsen, geen soldatenfeestjes. Zelfs geen pestende sergeanten meer, bij gebrek aan miliciens om mee te lachen. Ik werd aangesteld als secretaris en chauffeur van majoor Verfaille, die toen kampcommandant was. En dat maakte het nog interessant, want in die jaren woedde de oorlog in het voormalige Joegoslavië en ik moest de inzet van Belgische blauwhelmen mee coördineren."

Patrick Bex (45) uit Overpelt

Lichting 1990

Brigade Bevrijding

"Voor krijgsraad gesleept als deserteur"

"Op een nacht in 1991 hield de rijkswacht mij tegen, tijdens een gewone verkeerscontrole. Ze vroegen mijn papieren, en een paar minuten later sloegen ze mij in de boeien. Ik stond nationaal geseind - als deserteur! De cel in, en later overgeleverd aan de Militaire Politie. Daar zat ik twee dagen in de cel. Ik was er nochtans van overtuigd dat ik afgekeurd was. Ik had, tussen de medische keuring en de dag dat ik mij moest aanmelden een auto-ongeluk gehad, waarbij ik mijn knie had geblesseerd. Na de herkeuring was het document waarop mijn afkeuring werd bevestigd verloren geraakt. Ik moest voor de krijgsraad verschijnen. Ik kreeg de raad om een advocaat te nemen, met enige politieke invloed liefst. Mijn advocate werd de vrouw van minister Patrick Dewael. Dankzij de juiste politieke touwtjes kreeg ze het voor de krijgsraad voor elkaar dat die zes maanden dienstweigering omgezet werden in effectieve legerdienst, maar de resterende drie maanden moest ik wel nog doen - mijn knieblessure was intussen genezen, argumenteerde de krijgsraad. Veel heb ik in Leopoldsburg niet meer gedaan: ik kreeg een administratieve job en moest bijna elke dag post van onze kazerne naar Brussel brengen."

Karel Lauwens (54) uit Schelle

Lichting 1981

1ste Carabiniers Prins Boudewijn

"Dankzij accordeon nooit nachtoefeningen moeten doen"

"Toen ik naar het leger vertrok, zei mijn moeder: 'Jongen, neem uw accordeon toch mee. Daar gaat ge plezier aan hebben.' Stond ik daar in Leopoldsburg aan het station, met mijn valies in mijn hand en mijn accordeon rond mijn nek en moesten we direct drie kilometer lopen naar de kazerne. Plezant is anders. Maar ons moeder kreeg gelijk: die accordeon heeft mij geholpen. Want ik moest nooit meedoen aan nachtoefeningen: ik moest de hele nacht muziek spelen in het café waar de oversten kwamen wachten. Gewéldige ambiance, terwijl mijn makkers in de kou rondploeterden."

De Groote Rappèl: flashback in 10 avonden

Zang-, dans- en theaterspektakel De Groote Rappèl vindt plaats op 10 avonden vanaf vrijdag 29 april tot maandag 16 mei. Een legertje acteurs, zelfs met een tiental Afghaanse asielzoekers die nu in het tot asielcentrum omgeturnde kamp verblijven, schetsen de geschiedenis van de garnizoensstad. Tickets kosten 20 euro, en daar krijg je een authentieke gamellenmaaltijd - stamppot met worst - bovenop. Reserveren kan via www.degrooterappel.be.

Ivan Willems (58) uit Herk-de-Stad

Lichting 1975

1ste Carabiniers Prins Boudewijn

"Ga eens twee emmers stoom halen!"

"Ik was beenhouwer van opleiding en je kan al raden waar ik terechtkwam: in de keuken. Ik was er nog maar een paar uur of ze hadden mij al liggen: 'Ga eens twee emmers stoom halen in de mess van de onderofficieren', zei mijn chef. Ik dus met lood in mijn schoenen naar die mess, met twee emaillen emmers. Kreeg ik me daar een uitbrander! Ik wist direct hoe het er in het leger aan toeging. Weet je wat ik dan een paar maanden later vroeg aan de 'bleukes'? Juist: twee emmers stoom."

"De keuken was geen slechte job. We hadden altijd volk genoeg om patatten te schillen, want dat was hét corvee voor de jongens die iets hadden mispeuterd. We moesten wel mee op manoeuvres, maar de oefeningen mochten we meestal zo laten. Wij moesten immers de veldkeuken bemannen."

"Er was maar één nadeel: toen ik binnenging in het leger woog ik 74 kilo, en een jaar later was dat een héél eind in de tachtig. Het was zo erg dat ik de knopen van vest en broek niet meer dichtkreeg."

Nog véél meer verhalen op www.hln.be/kazerne

Met dank aan de beheerders van website www.militie.be en Facebook-groep Den Troep voor hun hulp bij de zoektocht naar de ex-miliciens. Wie op zoek wil naar oude legermakkers, en niet alleen in Leopoldsburg, kan zich daar registreren en zoeken in hun uitgebreide database.

 

Volg Wouter

Facebook   Twitter LinkedIn Logo Youtube

Twitter